Selecteer een pagina

Mijn moeder zocht een elegante oplossing om alle fotootjes van kinderen en kleinkinderen fraai uit te stallen. Het werd een fraai rek waar de hele familie een plekje heeft gevonden.

Met de komst van steeds meer kleinkinderen komen er bij mijn ouders regelmatig fotootjes en knutselwerkjes binnen. En door hun verhuizing in 2019 was mijn moeder er niet helemaal uit waar ze die een plek moest geven. Het werd een beetje rommelig op haar lage kastje bij de tv. De oplossing vond ze uiteindelijk samen met iemand van hun Bijbelkring, die graag met houtbewerking bezig is en een fraai rek maakte dat schuin tegen de lange, witte muur staat en plaats biedt aan plaatjes, tijdschriften en boeken. Een praktische en mooie oplossing, uitstekend uitgevoerd!

Complimenten voor Klaasjan, de Houtense Klusman, die het maakte!

Toen ik vorige week zaterdag bij mijn ouders kwam, kon ik het eens goed bewonderen. Super mooi ding, maar mijn handen begonnen direct te jeuken. Want wat er op stond – of beter: hoe het er op stond – was in mijn beleving een zooitje ongeregeld. Oftewel, ik kondigde meteen aan dat ik het allemaal heel graag anders wilde neerzetten. En gelukkig mocht het, want mijn moeder kent mij… Mijn huis mag dan een chaos zijn, maar gevoel voor compositie heb ik wel. Als tiener stalde ik al zorgvuldig mijn schatten uit en de muur boven mijn bureau op mijn studentenkamer was net een kleine gallerie. Dus ik kreeg de vrije hand om het rek naar believen in te richten. Yes!

De volgende dag kwamen mijn broer Gerben en nichtje Laure langs. ‘Heb je het mooie rek van beppe al gezien?’, vroeg ik mijn nichtje. Dat had ze! Maar samen keken we er nog eens naar. ‘Kijk, daar hang jij!’, wees ik naar haar eerste schoolfoto die linksboven een plekje kreeg. ‘O ja’, zei ze en ze begon te lachen om de foto eronder waar ze samen met haar broertje Renze op staat en lekker maf doet. ‘En wie zijn dat?’, vroeg ik en wees naar de foto ernaast. ‘Jij en ome Mark’, antwoordde ze terecht. ‘Dat klopt! Maar er is ook een nieuwe foto!’ Ik wees naar een trouwfoto van haar ouders waar Mart liefdevol op zijn favoriete zwager leunt. ‘Weet je ook wie dat is?’ vroeg ik, benieuwd naar het antwoord. ‘Ja-ah’, begon ze met een lichte aarzeling: ‘Dat is ome Mark!’ Maar iets klopt niet. Ik zag aan haar dat ze wist dat er twee ooms zijn die bij tante Frouckje horen en dat ze ook wel door had dat dit niet ome Mark is, maar die namen die lijken zo verdomd veel op elkaar… ‘O nee, dat is ome Mart!’Ik ben blij dat ze het weet. ‘Dat klopt!’, zeg ik. ‘Ome Mart was gek op jouw papa!’ ‘Echt?’, vraagt Laure. ‘Echt waar! Vraag maar aan je papa’ en daar huppelt ze naar buiten.

‘Papa, was ome Mart gek op jou?’

Even later staan mijn broer, moeder, Laure en ik bij het rek. Op het rek staat een foto van Mart in zijn terminale fase. Hij krijgt een dikke knuffel van mijn moeder, die samen met mijn vader ons zo bij stonden in die dagen. Het was een mooie zondag in maart 2017. De zon scheen uitbundig. Laure was anderhalf jaar. Een klein, lief meisje dat schattig tussen de grote mensen liep, vaak met een bal in haar hand. Wat was Mart verdrietig dat hij haar niet groot zou zien worden. Hij genoot van iedere minuut met haar. Dronk het in. ‘Jij was toen zo groot’, vertel ik aan Laure en wijs naar een foto waar ze met haar twee grote neven op staat. ‘Ja’, vult beppe aan: ‘Ik weet nog dat jij zo naar Mart liep en hem een kusje gaf. Alleen hij kreeg een kusje. Dat was zo lief’. Lautje luistert met aandacht. Ik ben blij met dit gesprek. Zo integreren we de familiegeschiedenis. Mart maakt er onderdeel van en zo krijgt hij letterlijk en figuurlijk een plek. Hij hoort er bij, ook al missen we zijn fysieke aanwezigheid. Alleen vroeg mijn moeder laatst wel om een foto van Mart van voor zijn ziekte, zodat we niet vergeten hoe hij er uit zag.

Daarna gaan Laure en ik samen rolschaatsen c.q. skaten. ‘Weet je hoe ik rolschaatsen heb geleerd? Op autootjes!’, vertelt Laure mij. ‘Ja, dat heb ik gezien’, lach ik. Haar broertje heeft grote kunststoffen auto’s die ze aan haar voeten deed. Dat werd de aanleiding voor een paar rolschaatsen. Ze vindt het heerlijk, net als ik vroeger. Een paar schaatsen of rolschaatsen (van die blauwe met knalgele wieltjes) onder mijn voeten en ik voelde me de koning te rijk. Ik heb het onlangs weer herontdekt. En op deze zondag in 2020 leer ik mijn nichtje het woord klunen en op wieltjes over bruggetjes heen te gaan. Als we terug zijn bij mijn ouders begint ze heerlijk te tekenen met stoepkrijt. Eerst een letter, een cijfer ernaast. Dan even een stukje rennen. Steeds komt er wat nieuws bij. Er komt een kader omheen. En dan zegt ze: ‘Kijk, ik heb het rek van beppe getekend’.

Tja, dit is het leven. Mensen vallen weg en de kunst is het verleden te verweven met het heden. Oog te hebben voor het goede van vandaag, wat soms niet lukt. Je herinneringen een plaatsje geven. Iemand kan je ontvallen, de relatie blijft en die is niet statisch. Die kun je verweven in je leven. Het kan betekenis geven aan de dag van vandaag. Mart mag een rol spelen in het leven van Laure, zoals Laure een rol speelt in het mijne.

De kracht zit in de dynamiek. Schikken en herschikken. Je verhaal steeds weer bijstellen. Omkaderen.

Net als het rek van beppe. Dat is niet bedoeld als een kunstwerk dat altijd hetzelfde is, maar als een omlijsting voor een leven waarin boeken uitgelezen worden, tijdschriften bij het oud papier worden gegooid, geboorte- en rouwkaarten door de bus vallen en ieder jaar weer nieuwe schoolfoto’s worden genomen.

PANTA REI – ALLES STROOMT